Opnieuw de Phelps Family

Vandaag las ik op de site van het Reformatorisch Dagblad een artikeltje over de Phelps-familie waar ik eerder deze week al aandacht aan besteedde. Ik wist het niet, maar de dreigende orde-verstoring van de herdenking van de vliegramp van afgelopen week, is aangekondigd door deze gestoorde familie. Het RD kenschetst de beweging van Phelps als “religieuze fanatici”. Ik werd door deze opmerking getroffen.

Even vroeg ik me af: waarom noemt het RD de Phelpjes “religieuze fanatici”? Zo wordt in het artikel de strijd van de Phelpjes tegen het homohuwelijk genoemd. Maar, zo bedacht ik me, welke christelijke beweging in Nederland is sterker gekant tegen het homohuwelijk dan de achterban van het RD? Die achterban is de verzameling van wat men vaak in de volksmond noemt de “zwarte-kousen-kerken”. Het is deze groep die vaak geen tv heeft, die zich afzondert van de rest van de wereld, die haar eigen uitgeverijen en een krant heeft (het RD, waarvan de site op zondag wordt afgesloten) – het zijn een beetje wereldvreemde types die toch wat neerbuigend op de rest van de wereld neerkijken. Wat, zo vroeg ik me in alle eerlijkheid af, is het verschil tussen de Phelpjes en de achterban van het RD zelf? Welke rechtvaardiging heeft het RD om de Phelpjes tot “religieuze fanatici” te verklaren?

Is het slechts het activisme dat de Phelpjes aan de dag leggen? Of is het de opruiende taal? Maar hoe zit het dan met RPF-leider Van Dijke, die een aantal jaren geleden zijn uitspraak dat homo’s niets beter zijn dan dieven, voor de rechtbank moest verantwoorden? Voor zover ik weet heeft Van Dijke nooit spijt van zijn opmerking getoond, en verdedigde hij zelfs zijn uitspraak door het een religieuze uitspraak te noemen (zodat het onder de vrijheid van godsdienst kon vallen). Is dit geen opruiende en haatzaaiende taal? Akkoord, dit is op geen enkele manier te vergelijken met de taal die de Phelpjes gebruiken. Maar gaat het hier om een slechts een kwantitatief of om een kwalitatief verschil? Met andere woorden: is het verschil in opvattingen van de RD-achterban en de Phelpjes slechts een kwestie van gradatie, of is er écht een verschil (en zo ja, wat is dat verschil dan)?

Het is niet dat ik nu de hele RD-achterban tot religieuze fanatici wil verklaren. Het was gewoon een gedachte die bij me opkwam en die me niet loslaat. Waar is de grens tussen “gezond” geloof en religieus fanatisme? En dan heb ik het niet over de Islam – die wil ik hier buiten beschouwing laten – maar over de “eigen” christelijke traditie.

Heel gezond is in ieder geval de ingezonden brief van Henk Medema in het Nederlands Dagblad vandaag. Medema reageert hier tegen de arrogantie die hij herkent in de houding van zijn orthodoxe mede-christenen. Er is geen deemoed meer, geen verootmoediging, geen schaamte, maar vooral een arrogante houding. Dit zaait verdeeldheid binnen het christelijk geloof, volgens Medema, en geeft atheïsten juist munitie om aan te geven hoe agressief het christelijk geloof is: “Zit er niet een forse kern van waarheid in die kritiek van buitenstaanders ten aanzien van onze onderlinge relaties als christenen? Zouden we ons niet echt moeten schamen over de manier waarover wij voor het front van de wereld ons gelijk proberen te bevechten? We moesten ons schamen. Ik meen het echt.” Deze oproep tot bezinning en zelfrelativering is zeer gezond. Nu eens kijken of hier ook iets van in de praktijk gebracht kan worden…

%d bloggers liken dit: