Boekbespreking van Leen den Besten: “Illusie of verlichting”

Onlangs las ik het boek Illusie of verlichting: Kritiek op en betekenis van religie van de Nederlandse theoloog en schrijver Leen den Besten (Vught: Skandalon 2011, ISBN 9789490708238, €33,50, 543 pp.). Eerder schreef Den Besten al het prachtige boek Van animisme tot ietsisme: Religie in de Westerse samenleving (2007), en dit boek is daar een vervolg op. Ging het in Van animisme tot ietsisme nog om de het denken over religie, in dit boek staat met name de kritiek op religie centraal. Het is een dik boek, een baksteen van bijna 550 bladzijden, en ik zag er nogal tegenop om dit boek geheel tot mij te nemen. Dat laatste bleek echter onterecht…

Leen den BestenIk zal maar meteen met de deur in huis vallen: dit is wellicht het beste boek dat theoloog en schrijver Den Besten tot nu toe geschreven heeft, en bovendien is het een van de beste boeken over de wortels van het nieuwe atheïsme. Het is een boek over religiekritiek (toegespitst op het christendom). De auteur stelt zich absoluut niet op als apologeet voor het geloof, maar hij neemt deze kritiek op religie serieus, maar toch niet geheel kritiekloos. Hij neemt veel van de kritiek van de nieuwe (en oudere) atheïsten serieus, maar stelt wel dat ze uiteindelijk niet alleen te eenzijdig oordelen, maar vooral laten zien geen enkel verstand te hebben van wat religie is en doet.

Het eerste hoofdstuk is een inleiding. Het lange tweede hoofdstuk gaat over de rol van religiekritiek bij verschillende denkers door de eeuwen heen. Dit lijkt nogal lukraak te gaan en met grote sprongen. Oudere en nieuwere religiekritiek lopen door elkaar heen. Veel wordt er in dit hoofdstuk besproken, Den Besten laat zien hoe belezen hij is, maar het blijft een boeiend betoog waar veel uit te leren valt (onder andere dat religiekritiek ook door theologen bedreven werd als een interne kritiek op al te naïef of mensvormig spreken over God).

In hoofdstuk 3 bespreekt Den Besten het verband tussen religiekritiek, rede en de Verlichting. Hij maakt daarin duidelijk hoe religiekritiek in de Verlichting geworteld is, maar ook hoe de Verlichting met haar redelijkheid eigenlijk nogal irrationeel doorslaat. Hoofdstuk 4 gaat over de heropleving van religie. Met name spiritualiteit (New Age) en fundamentalisme worden hier uitgebreid besproken. Den Besten is het met moderne sociologen eens: de toekomst van het geïnstitutionaliseerde christendom is niet rooskleurig, maar religie zal vermoedelijk nimmer verdwijnen, omdat het behoort tot de condition humaine. Hoofdstuk 5 gaat over de waarde van religie, hoofdstuk 6 over de link tussen religie en kunst.

Voor mij was met name hoofdstuk 7 interessant, dat als titel heeft: “Wijst de rede op het bestaan van God?” en waarin geloof en wetenschap prominent aan de orde komen. Den Besten stelt een functioneel boedelscheidingsmodel voor als de oplossing die het meest recht doet aan geloof en wetenschap en een oplossing die eveneens door veel theologen en godsdienstfilosofen zelf is voorgesteld. Hoe kan men over geloof en wetenschap denken? Den Besten bespreekt beknopt de ideeën van Whitehead, Dingemans, Peacocke, Küng en (kritisch) Swinburne. Uiteraard vond ik in dit hoofdstuk niet zoveel zaken waarmee ik al niet bekend was, maar dan word ik altijd nieuwsgierig naar de eigen positie van de auteur in kwestie. Hoe denkt Den Besten over geloof en wetenschap? Hij zet zich af tegen Swinburne als een wel erg rationele denker, voor wie God een wetenschappelijke hypothese is en die daarmee geloof en wetenschap heel gemakkelijk met elkaar in conflict dwingt. Dat geloof zo rationeel is, dat gaat er bij Den Besten niet in:

De betekenis van religie is naar mijn mening niet afhankelijk van bepaalde veronderstellingen betreffende een bovennatuurlijke werkelijkheid. Ze ligt ook niet volledig in de ervaring. Er is een mysterie, een macht, een kracht die ervaring oproept. Dat mysterie dat soms God wordt genoemd, bestaat niet op de wijze van een mens, een dier of een ding. Die kun je zien en aanraken. Het bestaat ongeveer op de wijze als liefde bestaat. Als ik wil uitleggen dat liefde bestaat of hoe liefde bestaat, dan moet ik uitleggen hoe ik die liefde heb ervaren. De waarheid die in religie aan de orde is, is symbolisch. (403-404)

Ook elders laat Den Besten zien dat hij neigt tot een fideïstisch standpunt, waarin geloof niet voor rede vatbaar is: “Geloof, ook het geloof in God of goden, komt niet voort uit een weten, maar uit de menselijke verbeeldingskracht. Het is niet voor de rede toegankelijk en laat dus geen redelijke toetsing toe en kan ni et bevestigd of ontkend worden door een of andere wetenschappelijke, historische of filosofische waarheid” (491). Wil dat dan zeggen dat geloof en wetenschap volledig los van elkaar staan? Nee, ze kunnen elkaar wel degelijk een dienst bewijzen: “Wetenschap kan de gelovige ervoor behoeden dat hij zich stort in een ravijn van fnuikend irrationalisme, religie kan de wetenschapper ervoor behoeden dat hij wegzinkt in een moeras van zedelijk nihilisme of praktisch materialisme” (491, typefout gecorrigeerd).

Hoofdstuk 8 gaat over religieuze ervaring. Ook hier worden weer veel auteurs besproken voor wie religieuze ervaring met een min of meer persoonlijke, transcendentale Werkelijkheid in religie centraal staat, zoals James, Otto, Jung, Buber, Levinas, Einstein en andere vormen van spiritualiteit. Hoofdstuk 9 ten slotte, is het slothoofdstuk. Voor Den Besten draait religie om verwondering én verbijstering, of uitgedrukt in de woorden van Den Besten zelf, in een moment waarin hij bijna poëtisch wordt (in een boek dat verder zo objectief-helder geschreven is):

Geloven heeft te maken met verbazing, met fascinatie, met geraakt kunnen worden, met aangetrokken en afgestoten worden door het schrikwekkende, het overmachtige, het mysterieuze. Het heeft te maken met betrokkenheid op iets wat je onvoorwaardelijk aangaat en wat enerzijds gevoelens van verlangens en liefde wekt en anderzijds van vrees en schrik. Geloven krijgt gestalte in een of andere vorm van religie, dat wil zeggen: in een manier van interpreterend waarnemen en kennen. Welke vorm religie ook heeft, ze geeft taal aan verwondering en verbijstering. Het andere in het gewone, het verrassende in het vanzelfsprekende, wordt in alle voorlopigheid benoemd en verbeeld. Het kwade wordt niet in een schema geperst; het wordt gethematiseerd en daardoor tot op zekere hoogte draaglijk gemaakt. (483-484)

Kortom: in dit boek stelt Den Besten religiekritiek in een historisch-filosofisch en theologisch perspectief, peilt haar waarde, en maakt duidelijk waarom de nieuwe atheïsten niet het laatste woord hebben. Den Besten beschrijft hoe doorheen de geschiedenis over religiekritiek en religie als illusie is gedacht, hij bespreekt de herleving van religie, de waarde van religie, de relatie tussen religie en kunst, de relatie tussen geloof, rede en wetenschap, religieuze ervaring, en komt uit bij religie als waardevolle duiding van menselijke ervaringen van verwondering en verbijstering die uiteindelijk aan de rede ontglipt.

Daarmee is dit boek een papieren baksteen van eruditie en belezenheid, een boek dat gelezen en herlezen wil worden, met als enige smetje de toch wel grote hoeveelheid typefouten en het ontbreken van een index.

(Nawoord, 02/09/2011: Ik moet aan de auteur van het boek, de heer Den Besten mijn excuses aanbieden. Het blijkt dat er wel degelijk een uitgebreide index in het boek aanwezig is. Ik heb die echter over het hoofd gezien, vermoedelijk vanwege het feit dat de uitgebreide literatuurlijst dezelfde opmaak heeft als de index – twee kolommen, zelfde kleine lettertype – en ik de index dus gewoon over het hoofd heb gezien. Hoe dat precies heeft kunnen gebeuren, weet ik niet, maar het is gebeurd en is een grove fout mijnerzijds. Er zit dus wel degelijk een uitgebreid register van personen en zaken achterin het boek. Mijn oprechte excuses aan de auteur.)

, , , ,

  1. #1 door Leen den Besten op 2 september 2011 - 21:10

    Er staat een uitgebreid register van personen en zaken op p. 526-543.

  2. #2 door tasmedes op 2 september 2011 - 22:28

    Beste Leen,

    Mijn oprechte excuses. Ik weet niet hoe het heeft kunnen gebeuren, maar ik heb inderdaad een fout gemaakt en het register volledig over het hoofd gezien. Ik heb direct toen ik je reactie vond (die WordPress bij de spamreacties had geplaatst) mijn exemplaar van je boek er nog eens bijgepakt. Zoiets zou absoluut niet mogen gebeuren, en ik bied daarvoor mijn excuses aan. Ik heb de recensie ondertussen aangepast. Bedankt dat je me erop wees.

%d bloggers op de volgende wijze: