Het geblakerde mensbeeld van de “refo’s”

Vandaag een wat lange bijdrage. Want onlangs rezen mij de haren te berge, toen ik het artikel van Steef Post las, op de website van het Reformatorisch Dagblad. In dat artikel betoogt Post dat gehoorzaamheid het bijbelse doel is van de opvoeding van kinderen. Toen ik dit artikel las, wist ik meteen weer waarom ik toch zo’n hekel heb aan de ideeën van orthodoxe gelovigen van zwarte-kousen signatuur, de zogeheten refo’s…

Het zwartgekleurde mensbeeld van Steef Post

Het artikel op de site van het Reformatorisch Dagblad laat zien wat het mensbeeld is dat overheersend is in refo-kringen. Posts artikel begint ermee dat hij stelt:

Gehoorzaamheid als opvoedingsdoel staat diametraal tegenover zelfontplooiing als opvoedingsdoel. Bevindt zich in het hart van het kind een zaadje dat verzorgd en beschermd moet worden, zodat het tot een prachtige plant uitgroeit? Of woont in het hart van het kind het kwade, dat beteugeld moet worden en omgebogen? Onnodig om te zeggen dat deze twee benaderingen appelleren aan een tegengesteld mensbeeld.

Het moge duidelijk zijn, volgens Post is het tweede het geval: in het hart van het kind woont het kwade, dat beteugeld moet worden en omgebogen. Met andere woorden, het aloude “de mens is een wolf”, maar dan wel op een zeer fundamentele manier. Post schrijft dat ouders die menen dat “anno 2012” kinderen “volwassen worden in een wereld die het zelf kiest en met een waarheid die het zelf creëert” eigenlijk een misdadige aanpak van opvoeden hanteren. Want:

Het levert de mens over aan zichzelf. Het bindt de mens aan zijn natuurlijke neigingen. Wie belijdt en beseft welke verdorvenheid in de mens woont, begrijpt dat de mens die mag doen wat hij wil, tot een dier wordt.

Oftewel, de mens is fundamenteel geneigd tot alle kwaad, en als dat de vrije loop wordt gelaten, zal dat ontaarden in dierlijk, dus verdorven gedrag. (Overigens wordt hier ook inherent een moreel oordeel over dieren geveld, maar dat terzijde.)  Maar als het kind dus fundamenteel het kwade wil, en het kwade moet worden beteugeld en omgebogen, dan is de enige remedie een radicale aanpak, oftewel volgens Post:

Een kind komt tot zijn recht als de eigen wil gebroken wordt en als het kind wil wat God wil.

Binnen refo-kringen wordt er dus geleerd dat de mens inherent kwaadaardig is, uiteraard als resultaat van de zondeval. De mens is tot alle kwaad geneigd. Dit betekent derhalve dat kinderen moet worden voorgehouden dat hun eigen morele oordeel over goed en kwaad niet kan worden vertrouwd. Immers, zij neigen intuïtief naar het kwade en zullen dat dan ook boven het goede verkiezen. Kinderen wordt dus geleerd om hun eigen zelf te wantrouwen, en om het oordeel over te laten aan anderen, in eerste instantie de ouders (en uiteindelijk: de vader). Bovendien, de wereld is slecht en verdorven, het kwaad tiert er welig, je doet er het best aan om er zo ver mogelijk van weg te blijven.

Ondermijning van het basisvertrouwen

Zo wordt bij refo-kinderen dus op drie manieren een fundamenteel basisvertrouwen (een term van de psycholoog Erik Erikson) ondermijnd. (1) Allereerst wordt ontkend dat de wereld goed is. De wereld is fundamenteel slecht en verdorven. De werkelijkheid moet als zodanig gewantrouwd worden. Maar (2) ook de mensen zijn fundamenteel kwaadaardig, als ze hun natuurlijke neiging en hun eigen wil volgen zullen ze tot alle kwaad geneigd zijn. Dus ook de medemens moet als zodanig gewantrouwd worden. Ten slotte (3) is ook het kind zelf geneigd tot alle kwaad, ook het kind zelf wordt voorgehouden dat zijn eigen wil tot het kwade neigt en dat dus de eigen wil en het eigen morele oordeel gewantrouwd moet worden.

Refo-kinderen groeien dus op in een werkelijkheid die gewantrouwd moet worden. De werkelijkheid is verdorven en slecht. Zelfs het eigen oordeel kan niet worden vertrouwd. Het kind moet dus volledig vertrouwen op wat het “van hogerhand” krijgt aangezegd, het moet gehoorzamen, luisteren naar en vertrouwen op de oordelen van autoriteitspersonen die zeggen het beter te weten. De ouders, de vader, de dominee. Zij die de wil van God kennen en dus weten wat goed voor het kind is, want het kind zelf leert om de eigen wil te smoren en te wantrouwen. In plaats van een basisvertrouwen ontstaat een fundamenteel basiswantrouwen. Een wantrouwen dat volledig op het geloof gericht is.

Is het vreemd dat kinderen die zo opgroeien en later in hun leven van hun geloof afvallen, in een enorm gat vallen? Als blijkt dat ook de autoriteitsfiguren waar ze hun hele vertrouwen in geïnvesteerd hadden niet te vertrouwen blijken, dan valt iedere externe zekerheid weg, en door de erosie van het fundamentele basisvertrouwen is er geen interne zekerheid meer. Zo’n mens wordt als iemand die op een vlot midden op zee in een woeste storm terechtkomt en geen enkel oriënteringspunt meer heeft.

Nog even afgezien van het buitengewoon creatieve knip-en-plakwerk van bijbelcitaten (quote-mining is wellicht een betere benaming) dat Post in zijn artikel tentoonspreidt, vraag ik me toch af: hoe kan iemand het in zijn bolle hersens halen om de wil van een kind te willen breken zodat het doet wat God wil? Wie bepaalt wat God wil? Het zijn immers altijd mensen die de wil van God uitleggen. Het komt er dus vaak op neer dat God blijkbaar wil wat de mens denkt dat God wil. Bovendien zijn in refo-kringen het meestal de mannen die de dienst uitmaken, dus mens en man zijn daar synoniem. De grenzen tussen “het beste met je kind voorhebben” en “kindermishandeling” lijken hier te vervagen. Dat zag ook Elma Drayer, die vandaag in Trouw een zeer venijnige column plaatste, waarin ze Posts nadruk op gehoorzaamheid koppelde aan de problemen van incest binnen refo-gezinnen.

Een alternatief mensbeeld

Ik wil hier tegenover een totaal andere mensvisie plaatsen, die overigens nog volledig los staat van individualisme, ofschoon ze er compatibel mee is.

De psycholoog Erik Erikson betoogde al dat kinderen, om zich tijdens het volwassen-worden te kunnen handhaven in de wereld, een fundamenteel basisvertrouwen in de goedheid van de werkelijkheid en van de mens nodig hebben. Basisvertrouwen is het antropologische vloertje waarop de mens zijn leven opbouwt. Uiteindelijk is basisvertrouwen een interiorisering van die goedheid in het eigen ik. Ook het eigen ik wordt als stabiel en als goed ervaren.eHet Het eigen oordeel mag vertrouwd worden. Als die levenshouding er niet is, ontstaat er een innerlijke onzekerheid die blijft knagen en waardoor voortdurend naar zekerheid buiten de eigen persoon wordt gezocht, als een aanklampen aan externe zekerheden die echter voortdurend ook weer verdwijnen, zodat weer naar een nieuwe zekerheid moet worden gezocht, enzovoorts. Wanneer er een stevig basisvertrouwen is, is er een innerlijk referentiepunt waardoor het kind – en later de volwassene – zich niet voortdurend heen en weer geslingerd voelt, maar een soort stabiliteit bezit zodat de persoon als een duikelpopje een soort flexibiliteit kent die haast onverwoestbaar is.

Religieus geloof bouwt en waarborgt basisvertrouwen

Religieus geloof bouwt op dat basisvertrouwen, haakt aan op dat antropologische vloertje. In de Bijbel staat dat God de schepping “goed” noemt, God erkent dus de goedheid van de wereld, en de mens mag dat oordeel beamen. De schepping is inherent goed. Ook de mens is door God goed geschapen. De mens vertoont vervolgens in de praktijk ambivalent en soms zelfs ronduit kwaadaardig gedrag (dat hoeven we niet te ontkennen), maar ten diepste is de mens goed. En dat betekent dat het eigen oordeel vertrouwd mag worden en over het algemeen ook betrouwbaar is. God wordt daarmee niet alleen de bron van de goedheid van de werkelijkheid en van de mens, maar tevens de waarborg ervan. Maar meer nog, die goedheid van de werkelijkheid en van de mens, dat vertrouwen, krijgt een innerlijk referentiepunt in de gelovige. De gelovige leert op het eigen oordeel te vertrouwen, en wordt daarmee minder afhankelijk van wat van buitenaf wordt gezegd. Geloof is daarmee niet iets dat van buitenaf wordt aangezegd en dat je moet geloven op basis van een externe autoriteit en waarvoor geen verder bewijs gegeven wordt of kan worden. Nee, geloof is uiteindelijk verankerd in het zelf, kan weliswaar verwoord worden in de taal van een religieuze traditie, maar is daar niet van afhankelijk. Een dergelijke gelovige kan beseffen dat religieuze taal en religieuze voorstellingen slechts symbolen zijn en niet letterlijk genomen hoeven te worden. Religieus geloof dat inhaakt op een basisvertrouwen raakt niet van slag als geloofsvoorstellingen betwijfeld worden of zelfs veranderen.

Conclusie

Met andere woorden, tegen Post zou ik willen stellen dat ik het misdadig vind dat iemand oproept om in naam van God de wil van een kind te breken. Een kind wordt daarmee zonder enige innerlijke weerbaarheid overgeleverd aan de grillen van de buitenwereld. Het wordt ten diepste afhankelijk van anderen, die dan gemakkelijk – en vaak zonder dat ze het zelf beseffen – van die afhankelijkheid misbruik kunnen maken. Opvoeden voor mij betekent: het kind een innerlijk vertrouwen meegeven in de goedheid van de werkelijkheid en van de medemens, en daarmee een innerlijk vertrouwen in de betrouwbaarheid van het eigen oordeel. Alleen als dat vertrouwen er is, kunnen tegenslagen verwerkt worden, dan wordt het kind weerbaar (en leert het uiteindelijk ook grenzen kennen). Religieus geloof onderschrijft die goedheid van de werkelijkheid en de goedheid van het eigen ik. Ieder religieus geloof dat hier afbreuk aan doet en de mens afhankelijk maakt en tot afhankelijkheid dwingt, is in mijn ogen moreel verwerpelijk.

, , , , ,

  1. #1 door Tjerk Muller op 16 februari 2012 - 22:30

    De mens vertoont vervolgens in de praktijk ambivalent en soms zelfs ronduit kwaadaardig gedrag (dat hoeven we niet te ontkennen), maar ten diepste is de mens goed. En dat betekent dat het eigen oordeel vertrouwd mag worden en over het algemeen ook betrouwbaar is.

    Als dat zo is, waarom mocht de mens van God dan niet eten van de boom van ‘kennis van goed en kwaad’?

    Verder dachten Augustinus, Luther en Calvijn toch een tikkie anders over dat de mens ten diepste goed is. Weet je wel zeker dat je in de christelijke traditie wel op je plek bent? ’t Is hardnekkig hoor, dat negatieve mensbeeld vanaf Paulus.

    Ten derde: het is leuk dat je overtuigingen hebt over wat religie behoort te leren, maar die zijn net zoveel (of weinig) waard als die van Jomanda, Deepak Chopra, of Steef Post. Iedereen heeft kernovertuigingen. Maar die vallen niet te bewijzen.

  2. #2 door Steven op 17 februari 2012 - 09:47

    @ Taede,
    Soms heb ik het gevoel dat jij het RD leest om dezelfde reden als waarom Dawkins de Bijbel leest: om te kijken of er nog iets in staat wat je vooroordelen weer kan bevestigen. Je snapt duidelijk helemaal niets van de refo’s, niets van hun jargon en retoriek, niets van hun bijbelgebruik, niets van hun opvoeding. Ik heb er geen behoefte aan Steef Post te verdedigen, maar het leek mij gewoon een conservatief stuk in de trant van Dalrymple of zo je wilt: Confucius. Tegen de tijdgeest in, ook qua retoriek (‘de wil breken’), maar als tegengas niet zo gek. De man voert echt geen pleidooi om kinderen in elkaar te slaan of te misbruiken (ongeacht wat die rare Elma Drayer nu weer beweert).

    Als je zo los gaat, gedreven door je weerzin tegen de refo’s, maak je ook dezelfde fouten als Dawkins en Swaab zodra ze over religie gaan praten. Ineens wordt het proza losjes, de onderbouwing anekdotisch, en de retoriek gezwollen. Erikson er nog even bijhalen om het een schijn van wetenschap te verlenen, en ziedaar.

  3. #3 door Taede Smedes op 17 februari 2012 - 10:38

    @Steven,

    Die reactie begrijp ik niet helemaal. Ben jij het eens met wat Post schrijft? Het is niet zomaar een conservatief stuk, het gaat hier fundamenteel over wat voor levenshouding je kinderen meegeeft. Geef je ze een houding mee van vertrouwen in de wereld en in zichzelf? Of breek je alles af wat ze van zichzelf hebben? Dat laatste is wat Post expliciet in dit stuk propageert. Alles wat een kind van zichzelf wil is fout, want tegengesteld aan de wil van God. Maar wie bepaalt wat de wil van God is? Dat zijn toch mensen? Sterker nog, dat is Post in dit geval, want hij weet heel zeker dat gehoorzaamheid is wat de Bijbel propageert. Dit is weer zo’n stuk met een hoog God-in-je-broekzak-niveau.

    Dergelijke ideeën leiden niet noodzakelijkerwijs tot lichamelijk kindermisbruik, maar ze kunnen het wel legitimeren (zoals Drayer terecht zegt) en kinderen inprenten dat zijzelf en de wereld fundamenteel slecht zijn, is wel degelijk mentaal misbruik. Sterker nog, hersenspoeling is wat ik eerst in het stuk wilde zetten, maar wat ik uiteindelijk heb weggelaten.

    En dan zeg je ook nog “maar als tegengas niet zo gek”. Meen je dat nou? Neem jij iemand die schrijft “Een vader die zijn kind niet wil straffen, behandelt hem als een bastaard, en gedraagt zich niet als kind van God (Hebr. 12)” werkelijk serieus?

    Ik vind dit verfoeilijke theologie, een verwerpelijke vorm van geloof, kindermishandeling, indoctrinatie en hersenspoeling – ik kan hier geen respect voor opbrengen, ik spuug op deze vorm van geloof, ik heb er werkelijk geen goed woord voor over.

  4. #4 door Steven op 17 februari 2012 - 11:38

    @ Taede,

    Je doet wat je anderen vaak verwijt: je leest een stuk tekst en je gaat er maar meteen van uit dat het analytische filosofie is, in plaats van religieuze retoriek. Je krijgt een rood waas voor je ogen, zonder te zien dat de man allerlei vaste items bespeelt in het conservatieve spectrum, en zeker binnen het refodomein. Jij moet toch gehoord hebben van de debatten rondom de vrije wil en de geknechte wil?

    De man pleit voor gehoorzaamheid als opvoedingsdoel. Als zodanig is dat te eenzijdig (volwassenheid is het doel, gehoorzaamheid is een middel tot dat doel), maar hij heeft natuurlijk wel gewoon een punt. Onlangs hadden wij een ouderavond op de (niet-christelijke) school van mijn dochter. Het ging over drank onder pubers. De docent wilde uiteraard het vieze woord ‘gehoorzaamheid’ niet in de mond nemen, dus hij zei maar voortdurend: “Echt, pubers zijn veel meer geneigd te luisteren naar hun ouders dan veel mensen denken”. Wat hij niet wilde zeggen, maar bedoelde was: “Ik zou graag willen dat er ouders waren die hun kind nog gewoon zouden verbieden te drinken voor het 18 is”.

    Gehoorzaamheid is belangrijk, want ouders moeten hun kinderen ervaring en wijsheid meegeven. Ik denk niet dat kinderen van nature daarnaar hunkeren of erom zitten te springen. Althans, die ervaring heb ik niet. Ik denk ook niet dat je ze moet slaan of misbruiken om die ervaring en wijsheid mee te geven. Maar je moet als ouder wel gehoorzaamheid durven vragen. Je gelooft in je opvoeding of niet. Uiteraard moet die gehoorzaamheid gepaard gaan met uitleg, uiteraard moeten ouders ook geleidelijk de teugels laten vieren als kinderen de volwassenheid naderen.

    En wanneer kinderen niet gehoorzamen, volgt straf. Dat is wat de man zegt. Hij citeert er oudtestamentische teksten bij en Hebr. 12. Maar de meeste refo’s die dat doen, staan echt niet met de knuppel achter hun kinderen. Zij zijn wel in staat om manieren van straffen te vinden die niet-oudoosters zijn. En wat de man zegt is: wie zijn kind niet wil straffen, houdt niet van zijn kind. Dat klinkt nogal massief, maar binnen de context snap ik wel wat hij bedoelt. Als je je kind niet wilt straffen, interesseert het je blijkbaar niet genoeg wat voor soort mens hij/zij wordt.

    Lichamelijk kindermisbruik kan gelegitimeerd worden op allerlei manieren, ook door een pleidooi voor gehoorzaamheid. Maar dat betekent niet dat een pleidooi voor gehoorzaamheid leidt tot kindermisbruik. Die suggestie van Drayer is een nieuw voorbeeld van haar kromme logica en van haar frustraties met een christelijk-gereformeerde opvoeding (haar broer is daar nog dominee).

    Woorden als ‘indoctrinatie’ en ‘hersenspoeling’ kunnen gemakkelijk een eigen leven gaan leiden. Maar ik moet de eerste ouder nog ontmoeten die zijn kinderen niet indoctrineert. Opvoeding is tot op zekere hoogte niet anders. Je kunt het ook met een neutraler woord benoemen: inprenting of overdracht. ‘Indoctrinatie’ klinkt altijd lekker negatief, en daarom gebruiken mensen het vaak voor religieuze opvoedingen, of voor religieuze opvoedingen die hen niet bevallen (zoals de refo-opvoeding). Maar een ouder die z’n kinderen niks wil overdragen of niks wil inprenten, kan beter kippen gaan houden: die reageren op instinct en je kunt ze achter gaas houden.

    Taede, vanwaar toch die weerzin tegen refo’s? Ik ontmoet het vaker bij vrijzinnige christenen. Waar niet-gelovigen soms nog een zeker respect kunnen opbrengen voor mensen die hun geloof tenminste erg serieus nemen (in hun ogen dan), zijn juist vrijzinnigen enorm gebeten op refo’s. Ik vermoed dat het iets te maken heeft met: als die figuren er niet waren, werd religie tenminste gerespecteerd in mijn academische en journalistieke omgeving.
    Nou, volgens mij moet je daar lak aan hebben. Refo’s hebben net zoveel recht van bestaan als welke andere Nederlander ook. En hun stoere conservatisme vind ik wel lekker tegendraads, eerlijk gezegd.

  5. #5 door Steven op 17 februari 2012 - 12:14

    @ Taede,
    Mocht je overigens verlegen zijn om een wat meer liefdevolle (en meer wetenschappelijke) blik op de refo’s en hun opvoeding, dan vind je dit misschien interessant

    http://www.digibron.nl/search/share.jsp?uid=00000000012dc172b8e5dcaecef43262&sourceid=1011

    Ik herken hier veel in. Er zitten enorm veel prachtige mensen, niet ondanks maar dankzij hun opvoeding. Het soort gestaalde retoriek als je in het stuk van Post vindt, dat kan men prima hanteren: zij ontcijferen de codes doorgaans feilloos.

  6. #6 door Louwrens op 17 februari 2012 - 20:37

    Taede Smedes laat de Wilders in zich los: lekker ranten op andersdenkenden. Ik volg je blog al jaren, het valt mij op: als het over Orthodoxie gaat, is alles geoorloofd. Ben je daarvoor nu aan een universiteit verbonden?

  7. #7 door Rita op 20 februari 2012 - 16:12

    Kinderen spiegelen hun ouders… dus wiens wil moet er dan gebroken worden?? Wie is er ‘dus’ niet ‘gehoorzaam’?

  8. #8 door Taede Smedes op 20 februari 2012 - 16:16

    Rita,

    Ik begrijp het niet, kun je een toelichting geven?

  9. #9 door Taede Smedes op 21 februari 2012 - 11:04

    Mijn VU-collega Maarten Wisse publiceerde gisteren in het Reformatorisch Dagblad een opiniestuk, waarmee hij mijn ongenoegen met de door Post gepropageerde angstcultuur onderschrijft, maar waarin hij tevens mijn eigen positie ziet als een poging om “zo hard mogelijk een ideaal van zelfontplooiing te propageren”. Ik geloof niet dat ik dat gedaan heb, maar soit, ik besef ook dat ik me niet helemaal adequaat heb uitgedrukt (ik werk er nog aan). Het eigen standpunt van Wisse is me overigens niet geheel duidelijk, maar misschien dat hij daarover in de toekomst nog meer zal schrijven. Het artikel van Wisse is hier te vinden: http://www.refdag.nl/opinie/wil_van_kind_niet_breken_maar_bewegen_1_624223.

    Wisse schrijft:

    Er ligt op dit punt naar mijn overtuiging een groot tegoed in de theologie van Augustinus. Augustinus weet als geen ander het genadekarakter van het heil te verbinden met een mens die ook na de val nog doortrokken is van een verlangen naar God en het goede. Een mens is goed én slecht, want goed geschapen maar gevallen. Augustinus’ theologie laat zien dat die twee kanten van de mens altijd samen gedacht moeten worden.

    Als dit klopt (en Wisse is zo langzamerhand een internationaal erkende Augustinus-kenner, dus ik acht zijn oordeel betrouwbaar), dan voel ik me verwant aan Augustinus’ mensvisie (ofschoon ik een historische zondeval ontken). Ook ik ben van mening dat de mens zowel goed als slecht is, ambivalent dus. Echter, in het dagelijks leven gaat het erom hoe je jezelf ziet: zie je jezelf als slecht persoon (zoals in de refo-traditie gebruikelijk is), dan is dat niet een echt constructieve houding, en eerder pessimistisch. Als je jezelf ziet als inherent goed (in de zin van: ik mag er zijn, ik doe er toe, ik mag op mezelf en op mijn eigen kunnen vertrouwen) en ook de wereld om je heen met vertrouwen tegemoet treedt (in de zin van: de wereld om me heen mag er zijn, is er niet als bedreiging, maar in eerste instantie als dragende grond), dan is dat een veel constructiever houding. En dat laatste is ook door Erikson onderstreept. En dat was eigenlijk wat ik naar voren wilde halen, maar wat niet helemaal goed gelukt is. Met andere woorden: er is een verschil tussen een ontologische visie (hoe de mens ís, een ik meen dat de mens goed én slecht is), en een psychologische visie (hoe je jezelf ziet en de wereld om je heen waardeert).

    Maar nogmaals, ik werk hier nog aan.

  10. #10 door Steven op 21 februari 2012 - 11:47

    Leuk dat Wisse in een moeite door ook nog om centen vraagt voor zijn onderzoek. Koopman en dominee🙂

    Taede, in wat je in je laatste post schrijft, heb je m.i. gelijk. Het gaat er altijd om hoe een mensleer wordt vertaald in de opvoedingspraktijk. Als iemand gelooft dat mensen engeltjes zijn, komt-ie er in de opvoeding ook wel achter dat z’n kinderen toch gevallen engeltjes zijn. Maar wie zijn kinderen benadert als brandhout voor de hel, is ook niet goed bezig.
    Zou David Martin hier niet behulpzaam kunnen zijn? Hij heeft veel geschreven over de verbinding van theologische idealen met de aardse werkelijkheid van groepssolidariteit, morele ambivalentie, enz. Ik denk dat een ideaal (theologisch of anderszins) nooit helemaal in praktijk te brengen is. Het loopt altijd aan tegen hetzij de realiteit van egoïsme en agressie, hetzij de realiteit van ouderliefde en vertedering. Daarom zullen zowel een jaren zestig-achtig opvoedingsideaal als een reformatorisch opvoedingsideaal (zoals verwoord door Post) in de praktijk nooit zo heet gegeten worden als ze worden opgediend.
    De kunst is om daarvan niet cynisch te worden (idealen hebben geen zin), en ook niet revolutionair (we zullen de idealen eens koste wat kost opleggen aan de werkelijkheid).

    Daarbij blijft het de vraag of wat Post schreef wel zo reformatorisch is. Wisse legt daar terecht de vinger bij. In een benarde zuil met weinig zelfvertrouwen, zoals de reformatorische, krijg je soms ook verzetverschijnselen (afweer naar buiten). Daardoor worden juist de accenten die afwijken van de bredere cultuur eromheen benadrukt, terwijl de overeenkomsten (het blijven ook gewoon moderne Nederlanders hoor) buiten beeld blijven. Maar in wezen gaat het bij de reformatorischen om bepaalde specifieke accenten tegen de achtergrond van een met anderen gedeelde cultuur. Het zijn geen 16e-eeuwers die in onze tijd zijn verdwaald. Het zijn mensen met een auto, een hbo-opleiding, een hypotheek en internet (zij het doorgaans geen tv).

  11. #11 door Rita op 21 februari 2012 - 12:07

    @Taede,
    Post wil dat kinderen gestraft worden als ze niet gehoorzaam zijn. Kinderen zijn net kopieermachinetjes, dus zal dat zgn. ongehoorzame gedrag regelmatig het (misschien onbewuste?) gedrag van hun ouders weerspiegelen. Dan zou je dus kunnen stellen dat niet de wil van de kinderen, maar die van hun ouders gebroken moet worden….

  12. #12 door Taede Smedes op 21 februari 2012 - 12:10

    Rita,

    Het zou kunnen dat je gelijk hebt, maar Post schrijft dat niet. En ik ga ervan uit dat iemand die vindt dat de Bijbel van kaft tot kaft letterlijk gelezen moet worden, zelf ook schrijft wat hij bedoelt. Zo heb ik Post dan ook gelezen…

  13. #13 door Ireen van Engelen op 21 februari 2012 - 12:16

    In ‘Jij mag nablijven’ (De Geus, 2006) wordt seksueel misbruik op een vrijgemaakt gereformeerde basisschool in Assen aan de kaak gesteld. Uit een brief van 2003: ‘(…) Helaas is er in de bovenbeschreven cultuur van de gereformeerd vrijgemaakte kerk, ook wel “artikel 31” genoemd, totaal niets veranderd, waardoor dit soort vreselijke dingen zich op exact dezelfde wijze zou kunnen herhalen. De kans hierop willen wij door het schrijven van een boek zo klein mogelijk maken. Nu hebben wij geen schrijftalent, maar we hebben wel een verhaal. Wij zouden graag willen uitleggen hoe eenvoudig het voor deze pedofiel was om zich staande te houden in zo’n gesloten cultuur, hoe hij kon doordringen in kerkenraden en als oppas toegang had tot kinderen van bekenden. Alles kon vele jaren voortwoekeren, doordat de hogere instanties op kerk- en schoolniveau alles onder de pet hielden, iets wat feitelijk nog steeds kan gebeuren. Men is simpelweg te trots om toe te geven dat zulke dingen ook bij “ons” kunnen voorkomen.’
    Stichting Soelaas

  14. #14 door Taede Smedes op 21 februari 2012 - 12:24

    Beste Ireen,

    Ik heb in mijn blogbijdrage het niet gehad over het seksueel misbruik binnen reformatorische kringen, en die beerput wil ik ook niet openen. Ik kan me voorstellen dat er daar een probleem is, maar ik zit zelf niet in reformatorische hoek, en heb ook – met alle respect – geen belangstelling om me in de problematiek van seksueel misbruik in die kringen te verdiepen. Ik stel dan ook voor om eventuele reacties ten aanzien van dat onderwerp verder niet op dit blog te plaatsen.

  15. #15 door Ireen van Engelen op 21 februari 2012 - 12:38

    Beste Taede,
    Even goede vrienden. Mijn ervaring is dat het onderwerp ‘seksueel misbruik’, hoewel dagelijks in het nieuws, niet op een normale manier te bespreken is. Het zij zo.

  16. #16 door Steven op 21 februari 2012 - 14:15

    Vrijgemaakt gereformeerden zitten niet in de reformatorische zuil. Dit voor de duidelijkheid.

    Overigens gaat overal wel eens wat mis. Zelfs in een kinderdagverblijf in het toch vrij onreformatorische Amsterdam.

  17. #17 door Rita op 21 februari 2012 - 20:30

    @Taede
    Nee natuurlijk schrijft Post dat niet. Het zou zijn eigen redeneringen volledig onderuit halen. Hoe kun je nou kinderen straffen die datgene doen wat jij ze voor hebt gedaan? Dus ‘vergeet’ je voor het gemak die mogelijkheid in beschouwing te nemen…

  18. #18 door Johan op 26 februari 2012 - 00:07

    “ik kan hier geen respect voor opbrengen, ik spuug op deze vorm van geloof, ik heb er werkelijk geen goed woord voor over.”
    Het komt me voor dat als je hier zo tegenover staat, je ‘partij’ bent in je onderzoek. Met alle respect, maar kun je dan eigenlijk wel een dergelijk schrijfsel nog wetenschappelijk verantwoord analyseren? Zelf zou ik nooit onder die noemer dat doen, want je weet van te voren dat je dan blind bent voor wat er aan goede bedoelingen aanwezig is.
    “En ik ga ervan uit dat iemand die vindt dat de Bijbel van kaft tot kaft letterlijk gelezen moet worden, zelf ook schrijft wat hij bedoelt.”
    Letterlijk en letterlijk zijn twee verschillende dingen. Dat kun je interpreteren als dat christenen de bijbel lezen als een Ikea handleiding, maar ook dat God persoonlijk de bijbel zo heeft vorm laten geven als dat hij er nu uitziet. Culturele omstandigheden kunnen dan tot letterlijke wetgeving van God leiden, die nu toch echt niet meer van toepassing zijn (bv leviraatshuwelijk)
    Dan is de bijbel een rijk boek waar je eindeloos mee aan de gang kunt en het er samen hartelijk oneens over kunt zijn.🙂 Hoewel ik het vast niet eens ben met Post (ik behoor niet tot zijn denominatie) denk ik toch dat je hem onrecht aan doet, door wat hij zegt niet in zijn context te plaatsen. Het ‘doen wat God wil’ is bv. niet synomien met ‘doen wat de dominee wil’, wat voor iemand voor wie God geen persoonlijk aanwezige realiteit is niet zo evident is.
    En dat de mens van zichzelf kan weten dat hij van nature niet goed is en dus 100% van genade moet leven, (in de zin dat zijn natuur ten diepste vijandig tegenover God is – niet dat hij niet aardig zou kunnen zijn voor andere mensen en dieren en plantjes) sluit niet uit dat hij zijn hele leven blij en vrolijk kan zijn, zoals Paulus die zich ‘ten allen tijde verblijdde’, zelf als hij vervolgd werd om zijn geloof. Voor zover men dat in refo-kringen niet wil doen, als dat al zo is, is dat daar cultureel bepaald, en heeft dat niets met bijbelvastheid te maken.

%d bloggers op de volgende wijze: