“Schepping, evolutie of een ‘docta ignorantia’?” Een gastbijdrage door Marc de Vries

Zojuist ontving ik van Marc de Vries een tekst die zijn positie moet verhelderen. De tekst is nu als gastbijdrage opgenomen. Alleen de kop en aanhef zijn van mijn hand, de overige tekst is volledig afkomstig van De Vries. Ik onthoud mij van commentaar, de tekst moet voor zich spreken. Ik denk wel dat de conclusie gerechtvaardigd is dat, ofschoon zijn sympathieën duidelijk in de richting van het creationisme neigen, hij geen creationist in strikte zin genoemd kan worden. 

“Schepping, evolutie of een ‘docta ignorantia’?”

Gastbijdrage door prof.dr. Marc de Vries

Laat ik proberen mijn standpunt inzake theorieën over het ontstaan van het heelal (kosmologie) en de wording van het leven (evolutiebiologie) zelf duidelijk te maken, zonder tussenkomst van journalisten of blogschrijvers. Ik beperk me nu tot het derde punt in mijn correcties op het RD-artikel. Vooraf de opmerkingen dat er in dat artikel nergens letterlijk stond dat ik gezegd heb een creationistisch standpunt in te nemen. Omdat een aantal opmerkingen uit de lezing in het verslag niet zijn opgenomen wordt die indruk wel gewekt, bedoeld of onbedoeld. Misschien dat deze affaire ons bewust kan maken van het risico van te snelle conclusies en de onverwachte bijwerkingen van sociale media.

Mijn voornaamste bezwaar tegen zowel evolutie- als creatiemodellen is dat ze het instrumentarium van de natuurwetenschappen overvragen. Overschatting van dat instrumentarium komt regelmatig voor onder natuurwetenschappers (tekenend daarvoor is de terminologievervuiling van Richard Dawkins, die ik in mijn lezing noemde). Zowel in evolutie- als creatietheorieën gaat om een ideografische claim, namelijk die dat een bepaald principe dat we in het heden kunnen waarnemen de verklaring is achter iets dat in het verleden gebeurd is. Het bestaan van dat principe zelf is een nomothetische claim. Experimentele toetsing is alleen mogelijk bij nomothetische claims, niet bij ideografische omdat de herhaalbaarheid van het bestudeerde object ontbreekt. Bij ideografische claims moeten we het doen met de restanten van een eenmalig proces dat in het verleden gespeeld heeft. Interpretatie is het belangrijkste middel dat dan rest om uit die restanten af te leiden wat er gebeurd is. Dat is ook wat historici doen. Experimenten kunnen wel de mogelijkheid aantonen dat een bepaald principe van die gebeurtenissen de oorzaak geweest is, maar ze kunnen niet bewijzen dat dit principe er daadwerkelijk achter zat. Bij zowel evolutie- als creatiemodellen is er bovendien een forse extrapolatie nodig om aan te nemen dat die principes in het verleden op dezelfde manier aanwezig geweest zijn als we ze gemeten hebben in de paar eeuwen dat we experimenteel natuurwetenschappelijk onderzoek doen. Als je geen aanleiding hebt om aan te nemen dat er iets veranderd is in de loop van miljoenen of miljarden jaren is dat een redelijke aanname, maar het gaat te ver om dan een term als ‘bewezen’ te gebruiken. We meenden in het verleden met eenzelfde extrapolatie, maar dan in de ruimte, dat elementaire deeltjes zich wel niet zo (klassiek) zouden gedragen als macroscopische deeltjes. Omdat die theorie uiteindelijk binnen het bereik van ons experimenteel instrumentarium kwam waren we in staat om te laten zien dat die extrapolatie onjuist was en dat elementaire deeltjes zich anders gedragen. Zolang we niet kunnen tijdreizen zal die mogelijkheid van toetsing voor evolutie- en creatiemodellen ontbreken. Alle toetsing blijft dan indirect.

Om deze redenen is mijn uiteindelijke standpunt dat het op zich een legitiem streven is om wetenschappelijk greep te krijgen op de wording van hemel en aarde, maar dat de beperkingen groot zijn, en dat zowel van de kant van evolutiebiologen als aanhangers van creatiemodellen te grote en stellige claims naar voren worden gebracht. Ik zie alleen in creatiemodellen niet de forse theologische problemen ontstaan die ik bij evolutiemodellen zie. Die problemen gelden niet alleen de benodigde ingrijpende veranderingen in de lezing van de eerste hoofdstukken van Genesis, maar vooral ook de (in ieder geval ogenschijnlijke) inconsistenties tussen de alternatieve lezing van Genesis 1-3 en verschillende andere bijbelgedeelten. Zolang er voor die inconsistenties geen overtuigende theologische ‘account’ is, ben ik niet bereid om mij tot de evolutietheorie te ‘bekeren’. Maar zoals opgemerkt zijn creatiemodellen voor mij evenzeer problematisch, om wetenschapsfilosofische redenen. Ik houd het daarom bij een ‘docta ignorantia’: na er goed op gestudeerd te hebben concludeer ik dat ik het wetenschappelijk niet kan weten. Rest mij het geloof in de Schepper, voor Wiens bestaan ik andere evidenties heb dan wetenschappelijke.

, , , , , ,

  1. #1 door Steven op 6 maart 2012 - 13:58

    Als ik het goed begrijp, zegt De Vries dus het volgende:
    1. Zowel creationisme als de evolutietheorie geven historische verklaringen voor wat we nu in de wereld zien.
    2. Historische verklaringen zijn wetenschappelijk niet bewijsbaar, omdat de geschiedenis onherhaalbaar is en experimenten dus niet mogelijk zijn.
    3. Evolutietheorie en creationisme zijn dus beiden wetenschappelijk niet bewijsbaar (c.q. ze overvragen de wetenschap).
    4. Creationisme heeft daarbij wel het voordeel (voor christenen dan) dat het minder op gespannen voet staat met Genesis 1.

    Mijn vragen:
    ad 3. Betekent dit voor De Vries dat ze dus even (on)waarschijnlijk zijn?
    ad 4. Is De Vries op de hoogte van bijv. de lezing van Genesis 1 door veel kerkvaders? Spitst zijn probleem zich niet vooral toe op een historische zondeval e.d.?

  2. #2 door Eelco van Kampen op 6 maart 2012 - 14:04

    Klinkt als Todd C. Wood, als je het mij vraagt …

  3. #3 door Taede Smedes op 6 maart 2012 - 14:10

    Steven,

    Tijdens het telefoongesprek met De Vries sprak hij vooral over “modellen”, en hij had het daarbij over het “evolutiemodel” en het “scheppingsmodel”. Met dat laatste bedoelde hij dan uiteraard creationistische visies. Hij zei (min of meer tussen neus en lippen door) dat er voor het evolutiemodel meer gegevens zijn dan voor het scheppingsmodel, maar dat dit nog niet betekende dat het evolutiemodel ook waar is. Op mij kwam dat over alsof hij toch van mening is (even in mijn woorden uitgedrukt) dat er meer bewijs is voor evolutie dan voor schepping.

    Overigens heeft hij toch wel stevige kritiek op ID en creationisme, met name vanuit de wetenschapsfilosofie. Ik vermoed dat zijn neiging tot creationisme een gevoelskwestie is, voortkomend uit zijn geloof, terwijl hij rationeel wel weet dat het creationisme als wetenschappelijk model gewoon niet klopt. Een persoonlijke worsteling dus tussen ratio en gevoel. Heel menselijk.

    Maar dit is even mijn interpretatie. Ik hoop dat De Vries zelf nog reageert…

  4. #4 door Taede Smedes op 6 maart 2012 - 14:17

    Eelco,

    Ik denk toch dat De Vries net wat voorzichtiger is dan Wood. Wood zet uiteindelijk zijn ratio als het ware uit en gaat dan op gevoel af op wat hij ziet als de waarheid van het creationisme. Ofschoon De Vries wellicht neigt naar creationistische visies op basis van zijn gevoel/geloof, zie ik hem toch niet Woods “non-rationele” stap of de “sprong van het geloof” nemen.

    De Vries’ positie is feitelijk een voorbeeld van hoe het dilemma-denken dat atheïsten als Dawkins c.s. hanteren en creationisten als Ken Ham en anderen niet werkt. Die stellen namelijk dat er slechts één keus mogelijk is: óf creationisme, óf evolutie. De Vries onthoudt zich van stemming. Daarmee zegt hij niet dat er geen antwoord is op de vraag “evolutie of schepping?” maar dat wij het antwoord niet wetenschappelijk kunnen weten. Daarmee ondermijnt hij het dilemma.

  5. #5 door Gerdien op 6 maart 2012 - 14:43

    Ik zou liever de lezing zelf zien.

  6. #6 door Gerdien op 6 maart 2012 - 14:46

    Klopt deze zin?
    dat elementaire deeltjes zich wel niet zo (klassiek) zouden gedragen als macroscopische deeltjes

  7. #7 door Taede Smedes op 6 maart 2012 - 14:50

    De Vries zei me dat hij alleen had gesproken vanaf Powerpoint-slides en dat er dus geen geschreven tekst was. Misschien dat de presentaties gefilmd zijn en ooit nog op het web verschijnen?

  8. #9 door Taede Smedes op 6 maart 2012 - 15:11

  9. #10 door Steven op 6 maart 2012 - 15:15

    Leuk artikel, niks mis mee, lijkt me. Doet me denken aan Wolterstorff, Reason within the bounds of religion (over ‘background beliefs’ en zo meer).

  10. #11 door Eelco van Kampen op 6 maart 2012 - 15:18

    Taede: “Ik denk toch dat De Vries net wat voorzichtiger is dan Wood. ”

    Maar hij zit er niet ver vandaan – hij komt uiteindelijk ook op ‘god-did-it’ uit:
    “Rest mij het geloof in de Schepper, voor Wiens bestaan ik andere evidenties heb dan wetenschappelijke.”

  11. #12 door Eelco van Kampen op 6 maart 2012 - 15:20

    Ik zie dat Hartmann toch ook al met de Vries in de weer was🙂

  12. #13 door Eelco van Kampen op 6 maart 2012 - 15:22

    @Gerdien: ik neem aan dat daar kwantum-gedrag wordt bedoeld (deeltjes als golfpakketjes etc.) …

  13. #14 door Gerdien op 6 maart 2012 - 15:34

    @Eelco: ja, maar dan klopt de zin niet.

  14. #15 door Eelco van Kampen op 6 maart 2012 - 15:39

    @Gerdien: ah ja, daar heb je gelijk in. Slordig geschreven.
    Hij schrijft ook ‘in de ruimte’, wat voor mij ‘ver weg’ zou betekenen, en niet ‘op kleine schaal’, wat hij denk ik bedoeld.

  15. #16 door Eelco van Kampen op 6 maart 2012 - 15:42

    bedoeld -> bedoelt

  16. #17 door Dennus op 6 maart 2012 - 16:21

    Om deze redenen is mijn uiteindelijke standpunt dat het op zich een legitiem streven is om wetenschappelijk greep te krijgen op de wording van hemel en aarde, maar dat de beperkingen groot zijn, en dat zowel van de kant van evolutiebiologen als aanhangers van creatiemodellen (…)

    :p

  17. #18 door Dennus op 6 maart 2012 - 16:24

    Oh, daar moest een plaatje tussen, maar dat doet dit blog niet blijkbaar.
    Naja, om de strekking van mijn geklier te snappen dit linkje volgen..😉

  18. #19 door Johan Blok op 7 maart 2012 - 19:57

    De Vries heeft een goed punt te pakken als hij pretenties van zowel evolutie als creatiemodellen bekritiseert. Ook ontwikkelt hij een voldoende onderbouwd standpunt voor een zinnige discussie (dit in tegenstelling tot veel andere bijdragen die rond dit onderwerp in het RD verschijnen). Heel vreemd blijft echter dat een oude tekst toch een belangrijke rol blijft spelen. Het is voor de wetenschappelijke vraag naar het ontstaan van leven totaal irrelevant of een creatiemodel theologische problemen geeft voor de interpretatie van een oude later samengestelde tekst als consistent geheel. Dat mag persoonlijk voldoende reden te zijn om een agnostische positie in te nemen, wetenschappelijk gezien zijn er dan toch minder bezwaren voor een evolutionistisch model, met de nodige voorbehouden (extrapolatie e.d.) die echter ook in andere wetenschappen wel gemaakt moeten worden.
    Daarnaast mis ik een kritische wetenschapsfilosofische bevraging van het creationisme model. Verklaart een dergelijk model überhaupt iets?

  19. #20 door Benach op 8 maart 2012 - 12:54

    Wat ik mis in het betoog van De Vries, is een goede onderbouwing waarom het instrumentarium van de natuurwetenschapper ausgezeichnet zou falen bij het evolutiemodel. Je kan daarbij wel een vergelijking maken met deeltjesfysica, maar ten eerste is deeltjesfysica niet een ideografische wetenschap dus is het geen correcte vergelijking en daarnaast heeft de natuurwetenschap zich daar keurig op heeft aangepast doordat er nog steeds nieuwe instrumenten worden ontwikkeld (Ga eens naar CERN bijv.). Bovendien heeft de natuurwetenschap de eigenschappen, vaardigheden en mogelijkheden om zich aan te passen aan nieuwe wetenschappelijke inzichten (het is stiekum net evolutie). Die ontbreken bij creationisme geheel.
    Er zijn inmiddels vele, zeer vele onafhankelijke instrumenten en metingen met die instrumenten gedaan waaruit adaptatie en daarmee evolutie blijkt. Het is eerder het ideologische beginsel dan het ideografische beginsel waardoor De Vries zo moeilijk lijkt te doen volgens mij.

    psst, niet verder vertellen hoor, maar die vuistbijlen die archeologen gevonden hebben, die zijn niet echt van die Neanderthaler hoor. Het was een eenmalige gebeurtenis dat hij daar rondliep, stierf en zijn vuistbijl achterliet. Dus we kunnen alleen door grote extrapolatie er iets over zeggen, maar die extrapolatie is veel te groot om er iets zinnigs over te zeggen.

  20. #21 door gert korthof op 10 maart 2012 - 11:23

    Taede ben je nog van plan om te reageren, of heb je besloten geen antwoord te geven???
    zie:
    Korpel & De Moor over de God die zwijgt…
    mijn vraag:
    gert korthof 26 februari 2012 om 16:52

  1. De discussie over Marc de Vries: Verdraait het Reformatorisch Dagblad de zaak? « Taede A. Smedes
%d bloggers op de volgende wijze: